Een paar columns geleden schreef ik over mijn bak-manie die op miraculeuze wijze weer opleefde. Ik heb tijden mijn bakvormen en -blikken niet bekeken. Misschien ook wel niet omdat ik qua bakken nooit verder ben gekomen dan appeltaart. En cake. Oké, en hier en daar een verdwaalde muffin.
Dat was het.
En om nou wekelijks appeltaart te bakken, nee, dat zag ik niet zitten.
Wat moest ik dan bakken?
Ik wilde het ook niet meer op mijn oude, vertrouwde manier doen, vanwege het vaak rijkelijke gebruik van suiker. Ik ben nogal anti-suiker.
Het internet staat gelukkig vol met bakrecepten waarin ongevaarlijke vormen van zoetigheid voorkomen.
Inmiddels heb ik een kleine verzameling bakboeken opgebouwd.
Het mag duidelijk zijn: het misbaksel van een paar maanden geleden heeft de liefde voor bakken niet de nek omgedraaid.
Ik deed mezelf de belofte om door te zetten. Ik laat me door één miskleun niet uit het veld slaan.
De taart die een paar maanden geleden zo liederlijk mislukte, is – in een nieuwe poging – wel glansrijk en heerlijk smakend uit de oven gekomen.
Ik heb het lekker te pakken van het bakken.
Ik heb wel moeten leren dat de baksels vaster zijn onder de wat aangepaste receptuur die ik gebruik. Ik gebruik nu meelsoorten waar ik eerder nog nooit van gehoord had. Ik zoet mijn baksels met banaan, agavesiroop en kokosbloesemsuiker. Om ze body te geven gaat er courgette doorheen.
Nu mijn bakliefde stevig in de schoenen staat, durf ik u wel te bekennen wat er de oorzaak van was dat het in de eerste poging zo faliekant misging.
Het was gewoon mijn eigen stomme schuld. Een knopje omzetten en vergeten terug te zetten.
Tja, en als je dan een taart probeert te bakken met de oven op grill-stand…
Ik verzeker u: dat wordt geen succes.
Bekennen